Tagarchief: broedplaats

Verkiezingen en wat dan?

Verkiezingen vandaag voor de gemeenteraden in Nederland. U gaat vast stemmen. Maar wat gaan de lokale politici morgen doen? Hoe kunnen ze de vastgelopen motor weer aan de praat krijgen? Je ziet overal dat burgers het heft in eigen handen nemen. Er is een nieuwe economie van onderop aan het ontstaan. Het zou echter veel sneller kunnen gaan als daarvoor voldoende ruimte is. Alleen al in Amsterdam zijn duizenden jongeren op zoek naar betaalbare woon- en werkruimten. Het wordt tijd dat de nieuwe gemeentebesturen gaan zorgen voor dynamiek aan de onderkant van de samenleving. De bewoners willen, nu de politici nog. Met het onderstaande lijstje kunnen ze voor mij en vele anderen vanaf morgen aan de slag gaan.

verkiezingen

 

Share

Gemeente, faciliteer de economie van onderop

Gemeenten kunnen veel meer dan nu gebeurt de economie van onderop stimuleren en faciliteren. Waarom deze oproep?

De sombere perspectieven op de arbeidsmarkt roepen de vraag op waar nog wel groei is van werkgelegenheid. Deze vraag stond in de kop boven een artikel in De Volkskrant van 29 januari 2013. Massa-ontslagen bij banken, verzekeringsbedrijven en in de uitgeverij, geen opdrachten in de bouw, fabrieken die hun poorten sluiten en amper vacatures voor net afgestudeerde jongeren. Ook de detailhandel heeft het zwaar door de crisis. Je ziet het aan de leegstaande winkels. Bovendien verandert door internet het koopgedrag.

De werkgelegenheid zal de komende vijf tot tien jaar niet groeien, aldus arbeidsmarkt specialisten. Tien jaar geleden werden nog ernstige tekorten voorspelt. Maar door de bankencrisis, de bezuinigingen, de huizen- en bouwcrisis, de hoge schulden, lagere inkomens daalt de binnenlandse vraag. Bovendien blijven ouderen langer werken en daarmee valt de vervangingsvraag van nieuwe instromers tegen.

Er blijft dus niet veel anders over dan zelf werk te creëren. Daarom de oproep aan gemeenten om jongeren te stimuleren een eigen bedrijf te starten. Gemeenten kunnen dit faciliteren door betaalbare werkruimten beschikbaar te stellen om te experimenteren, samen te werken, etc.

Do it yourself & work together beweging

De vraag naar goedkope woon- en werkruimte in grote steden is enorm. Amsterdam heeft al 50 broedplaatsen wild projects 3D printervoor creatieve bedrijven maar dat is nog steeds veel te weinig. Steeds meer mensen willen zelf aan de slag om de wereld mooier, duurzamer en socialer te maken. Dit kan variëren van het maken van apps, opzetten van pop-up winkels, stadstuinen en buurtrestaurants (hotspot hutspot in Rotterdam), de tijdelijke invulling van een leegstaand gebouw, het samen bouwen van woningen en het ontwerpen en maken van voorwerpen met 3D printers. Deze beweging van onderop tref je aan in steden, zoals Berlijn, New York, Amsterdam en Eindhoven.

Wat zijn de kenmerken van deze do it yourself & work together economie?

  • het zijn vaak jonge, creatieve en innovatieve ondernemers die hun talenten, kennis en krachten delen en bundelen en
  • uitblinken in het nemen van initiatieven en deze samen met sociaal kapitaal uitvoeren
  • of de ontwikkeling van een product met crowd funding financieren
  • verschillende kennisvelden met elkaar integreren en
  • hun producten en diensten met nieuwe vormen van creativiteit weten te vermarkten (bijv. pop-up stores, tijdelijke locaties)
  • vaak maken ze gebruik maken van wat er al is, zoals gebruikte materialen (sloophout) of ontwikkelen nieuwe materialen, zoals bioplastics (circulaire economy)
  • veel starters zijn verbonden met en spelen in op de behoefte van de lokale/sociale omgeving
  • ze maken gebruik van nieuwe technologieën en de nieuwe maakindustrie (3D cutters en printers in bijv. iFabrica)
  • het is vaak maatwerk en innovatieve / duurzame maakprocessen (de Fair Phone)
  • ze opereren in broedplaatsen en oude industriële gebouwen met nieuwe, coöperatieve werkgemeenschappen en
  • organiseren multi-project activiteiten (zoals het fysieke platform NDSM; maar ook met virtuele platforms). 

Belangrijk is ook de rol van organisaties zoals Mediamatic, Pakhuis de Zwijger en Dutch Design Week die innovatie in Amsterdam en Eindhoven stimuleren.

De beweging van onderop is in het onderstaande schema als onderste laag toegevoegd aan de bestaande economische structuur.

wild projects
nieuwe economische structuur
Hoe kan een gemeente do it yourself & work together stimuleren?
Gemeenten kunnen dit op de volgende manier doen:
Zorg voor betaalbare werkruimten (ca. 300 – 400 € per maand)
Goedkope werkruimten zijn cruciaal voor de opkomst en groei van de economie van onderop. Belangrijk is ook dat de gebouwen in de buurt staan van kennisinstituten, het uitgaansleven, betaalbare woningen en culturele instellingen. De meeste starters beschikken niet over startkapitaal en hebben geen geld voor hoge huren, luxe middelen, dure kantoorinrichtingen en lease auto’s. De ‘do it yourself & work together’ ondernemers moeten het geld dat ze hebben, kunnen investeren in de noodzakelijke productiemiddelen.
Den Haag stimuleert de creatieve sector
Creatieve Stad Den Haag is het programma van gemeente Den Haag, dat de creatieve sector stimuleert en promoot. Het programma heeft 2 zwaartepunten: de economische duurzaamheid van creatieve initiatieven en de zichtbaarheid van de creatieve sector.
De Creatieve Stad Den Haag ziet graag dat creatieven ook succesvol ondernemer worden. Hun ideeën en initiatieven moeten leiden tot een inkomen. Dat stimuleert de Creatieve Stad Den Haag op allerlei manieren. Hoe? Bijvoorbeeld met een subsidie. Ook heeft Den Haag een aantal creatieve panden waar ondernemers tegen een gunstige prijs werk- of atelierruimte kunnen huren.
Wat gebeurt er in Almere?

Almere heeft één broedplaats voor de creatieve sector in het gebouw De Voetnoot. Verder zijn er twee commerciële broedplaatsen voor mkb-bedrijven en zzp’ers. Voor starters zijn er nauwelijks mogelijkheden. Almere heeft veel leegstand maar dit zijn relatief nieuwe gebouwen. De huren zijn veel te hoog voor starters en beginnende bedrijfjes. Een aanzienlijk deel van de jongeren studeert in Amsterdam, Utrecht, Delft en Twente. De vraag is hoe deze jongeren verleid kunnen worden om in Almere een bedrijf te starten. Een lage huurprijs en begeleiding van de start-ups kunnen helpen om dit aantrekkelijk te maken. Andere ingrediënten om de economie van onderop te stimuleren, kunnen zijn: een fonds voor start-ups en een gebouw in het centrum van Almere-Stad waar de jonge ondernemers aan de slag kunnen gaan.

wild projects - 10 start-ups

Share

Broedplaats 2.0

Broedplaats 2.0 kan een antwoord zijn op de grote vraag naar goedkope woon- en werkruimte. Voordat we het plan voor Broedplaats 2.0 presenteren vertel ik eerst iets over de aanleiding voor dit idee.

Energiesubsidies verzwakken Nederlandse economie

De regering subsidieert de traditionele sectoren met miljarden euro’s per jaar. Dit remt de transitie naar een duurzame economie. Het verzwakt bovendien de economie. De bedrijven in deze sectoren hoeven door de riante subsidies niet te investeren in het duurzamer maken van hun productietechnologie. Vanuit geo-strategisch perspectief is het niet zo verstandig om Nederland zo afhankelijk te laten zijn van de leveranciers van fossiele brandstoffen. De ruzies tussen Nederland en Rusland laten zien waar dit toe kan leiden.

wild projects
90 bedrijven goed voor twee derde CO2 uitstoot
Do it yourself

Ondanks de recessie en het kabinetsbeleid is er iets opmerkelijks aan de gang. Er zijn steeds meer burgers die initiatieven nemen. Dit gebeurt in broedplaatsen in de grote steden, op tijdelijke lege plekken of zelfs op onverwachte momenten met zogenaamde pop-up activiteiten. Deze ontwikkeling van onderop wordt vaak aangeduid als de do it yourself economie (1). Vaak werken mensen in een wijk samen met het aanleggen van een stadstuintje of het runnen van een tijdelijk buurtcafé in een leegstaande school. Veel jongeren willen hun eigen werk creëren en zoeken daarvoor goedkope werkplekken.

Een signaal dat deze beweging groeit is de grote vraag naar goedkope woon- en werkruimten in de grote steden. Vooral de vraag naar een woning met een werkruimte is groot. Ik beschouw deze ontwikkeling van onderop als een nieuwe, waardevolle toevoeging aan onze samenleving. Daarbij heb ik de indruk dat politiek Den Haag dit fenomeen nog niet goed in de gaten heeft. Gelukkig stimuleren en faciliteren gemeentebesturen van steden als Eindhoven en Amsterdam deze ontwikkeling van onderop al volop.

In het schema hieronder heb ik de do it yourself economie als nieuwe laag toegevoegd aan de bestaande economische structuur. Weliswaar aan de onderkant maar de bedrijfjes zorgen voor veel dynamiek en leveren (op termijn) ook een bijdrage aan de innovatie in de economie daar boven.

wild projects
nieuwe economische structuur
De lerende economie ontstaat van onderop

Op kunst, kunstonderwijs en cultuur is hard bezuinigd, terwijl creativiteit steeds belangrijker wordt om nieuwe producten te kunnen ontwikkelen. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) stelt dat onderwijs Nederland uit de achterstandspositie moet halen. Beter onderwijs zorgt namelijk voor een hogere productiviteit, die weer nodig is om Nederland in economische opzicht uit de opgelopen achterstand te halen.

In de vorige blog heb ik geschreven dat ik niet geloof dat ‘de politiek’ in staat is om de kwaliteit van het onderwijs top down te verbeteren. Dit is de afgelopen decennia ook niet of nauwelijks gelukt. Daarom denk ik dat het effectiever is om de beweging van onderop te faciliteren. Veel creatieven en startende ondernemers werken samen en leren van en met elkaar. Organisaties als Pakhuis de Zwijger zijn aanjagers van de economie van onderop. In de broedplaatsen ontstaan vanuit het experiment nieuwe, slimme producten, diensten en effectieve werkprocessen. Daarmee is aan de onderkant van de ‘traditionele’ economie al een lerende economie ontstaan. Als nog meer mensen de mogelijkheid krijgen om hieraan mee te doen zal deze dynamiek van grote waarde worden voor MKB en grote bedrijven.

Broedplaats 2.0: het idee

Broedplaats 2.0 is een broedplaats én innovatiecentrum, wonen én werken bij elkaar, met ontmoetingspleinen, kookplaatsen, indoor- en daktuinen, fitness en sportzalen, pleintjes met café en gemeenschappelijke eetkeuken, werkplaatsen, ateliers en werkruimten in flexibel in te richten gebouwen op basis van vraag naar wonen en werken, in een groene omgeving dicht bij het stadscentrum.

Voor ambitieuze, creatieve, talentvolle, ondernemende mensen die dromen van een betere wereld en willen samen werken op een experimentele en pragmatische wijze aan het ontwikkelen en produceren van innovatieve producten en diensten.

De tekening hieronder geeft een beeld van een indeling van een broedplaats 2.0. Andere variaties zijn ook mogelijk.

wild projects
flexibel in te delen Broedplaats 2.0

Duizenden mensen vragen woon- en werkruimte om zelf aan de slag te kunnen gaan. De do it yourself economie is in de grote steden snel aan het groeien. In de oude industriële gebouwen ontstaat een nieuwe stedelijke maakindustrie. Steden als Amsterdam, Eindhoven en Rotterdam faciliteren dit met het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen.

Maar door de grote vraag naar betaalbare woon- en werkruimten blijft de vraag veel groter dan het aanbod. Dit biedt kansen voor bijvoorbeeld Almere. Er zijn geen oude industriële gebouwen en nieuwe leegstaande gebouwen zijn te duur voor creatieven en starters. Maar Almere kan met het bouwen van nieuwe broedplaatsen 2.0 snel inspelen op de do it yourself economie. Almere kan dan mee profiteren van mensen die zelf producten en diensten creëren.

Met relatief goedkope huren kan Almere talentvolle en ondernemende Amsterdammers verleiden aan de slag te gaan in een Almeerse Broedplaats 2.0!

De broedplaatsen kunnen op basis van de vraag naar woon- en werkruimte flexibel worden ingericht. Als een broedplaats volstroomt, kan met de bouw van een nieuwe broedplaats worden gestart. Zo kan er een creatieve innovatiewijk ontstaan vol met bedrijvigheid.

wild projects
vier broedplaatsen 2.0 bij elkaar in een innovatiewijk
wild projects
een impressie van het ‘pakhuis’ Broedplaats 2.0

(1) De do it yourself economie heeft niet dezelfde betekenis als het begrip participatiesamenleving, dat door het huidige kabinet is gelanceerd. Het eerste is de beweging van onderop waarbij burgers samenwerken om ‘de wereld beter, duurzamer en leuker te maken’. Het tweede kan worden gezien als een -van boven opgelegde- boodschap van het kabinet dat de overheid verwacht dat burgers mee gaan helpen met het verlenen van zorg aan familie en buren. De vraag is of het kabinet met het verkondigen van de participatiesamenleving maatschappelijke betrokkenheid kan stimuleren. Of kan afdwingen door te bezuinigingen op de zorg. 

Hoe kunnen we dit realiseren?

Wordt vervolgd met nieuwe blog met toelichting over de onderstaande optie voor een aanpak.

wild projects

Share

Nederland staat stil

Nederland staat stil, loopt achter en is in slaap gedompeld. Ons land dreigt de aansluiting met economieën te verliezen waar wel een duidelijk plan voor de toekomst is. De medicijnen loonmatiging en arbeidsparticipatie zijn uitgewerkt. Het politieke debat in Den Haag is verzand en is sterk verbonden met de energie consumerende industrie. Deze industrie krijgt jaarlijks rond de 6 miljard euro aan energiesubsidie. Niet vreemd dat de greentech industrie in Nederland maar niet van de grond komt. Premier Rutte slaat zich op zijn liberale borst omdat hij zo trots is dat hij geen visie  heeft. Hij kent niet eens de betekenis van het begrip visie want hij vergelijkt het met een blauwdruk.

wild projects
Shell Pernis

In navolging van Zuid-Korea, Singapore en Finland moet geïnvesteerd worden in onderwijs voor jong en oud, zegt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).  De grootste vooruitgang om Nederland uit de impasse kan halen is meer productiviteit. Dit kan vooral worden behaald met beter onderwijs. De WRR zet ook grote vraagtekens bij het ‘topsectorenbeleid’ en de overheidssteun aan research & development. Ook hier gaat het vooral om het subsidiëren van de traditionele grote spelers in de Nederlandse economie. Voor het verdienvermogen is het belangrijker te investeren in de productiviteit van de werknemer. In essentie betreft dat de kwaliteit van alles wat met kennisoverdracht te maken heeft. Kenniscirculatie –zorgen dat kennis op de juiste plek komt-  is daarbij belangrijker dan het ontwikkelen van nieuwe kennis.

Lerende economie

We kunnen niet voorspellen waarmee we over een jaar of tien een goede boterham kunnen verdienen. Het beleid zou zich daarom moeten richten op onderwijs, kenniscirculatie en productiviteit. De WRR stelt dat het de hoogste tijd is om de bakens te verzetten en pleit voor het ontwikkelen van een lerende economie. Daarvoor moet de kwaliteit van het onderwijs worden verbeterd.

Ik ben het geheel eens met de analyse van de WRR. Eigenlijk is de visie van de WRR niet zo nieuw, want dergelijke pleidooien zijn ook in de jaren negentig gehouden. Toen noemden we het de kenniseconomie. Ik geloof echter niet dat de politieke partijen in Den Haag in staat zijn om afstand te nemen van de VNO/NCW en de traditionele economische sectoren. Ook dit bezuinigingskabinet blijft de economische sectoren subsidiëren met miljarden euro’s. Daarnaast hebben politici in de afgelopen decennia bewezen niet in staat te zijn om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren.

Hoe dan wel?

De remedie voor verandering kan ontstaan in de do it yourself samenleving. Door zelf initiatieven te nemen en activiteiten te ontplooien, kunnen creatieve burgers en ondernemers met elkaar zorgen voor kenniscirculatie en innovatie. Wachten tot Den Haag begrijpt dat het anders moet, kan nog vele jaren duren. Het is te vergelijken met een tanker die naar de Rotterdamse haven moet, maar waarvan de stuurman pas bij IJmuiden begint te sturen. Politici van de VVD, CDA en PvdA dienen vooral de belangen van grote industriële bedrijven en de landbouw. Voor het MKB hebben ze overigens ook een aardige subsidieregeling bedacht. Maar er is een geheel nieuwe ontwikkeling gaande, namelijk de honderden experimentele bedrijfjes die in de schaduw van de oude economie opereren. De  volgende structuur is zich aan het ontwikkelen:

  • Bedrijven in de traditionele sectoren (vaak grote energie verbruikers)
  • Innovatieve bedrijven zoals ASML, Philips, DSM, Tom Tom, etc.
  • MKB bedrijven
  • ZZP’ers (flexibele schil)
  • Starters, creatieven, kunstenaars, experimentele bedrijven, app-makers, designers en collectieven (do it yourself economie).

Faciliteer de do it yourself economie

Ik denk dat de lerende economie via de Den Haagse politiek niet of zeker niet op korte termijn wordt gerealiseerd. Gelukkig wordt ‘leren van elkaar en met elkaar’ al in praktijk gebracht in de do it yourself economie. Kunstenaars, technici en wetenschappers werken samen aan de creatie van innovatieve producten en diensten en hebben bijvoorbeeld de 3D printer ontwikkeld. Dit apparaat zorgt voor een nieuwe industriële revolutie en voor terugkeer van de industrie naar de stad (zie eerdere blogs). Er is nog een andere ‘gelukkige’ ontwikkeling. Lokale politici in Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven beschouwen deze ontwikkeling van onderop als waardevol en faciliteren deze daarom ook. Maar daar kan nog wel een tandje bij worden gezet. Zo vragen tienduizenden Amsterdammers om betaalbare woon- en werkruimte om aan de slag te kunnen gaan. Er staan honderden gebouwen leeg dus waar wachten we op. Met een paar miljarden van de achterhaalde energiesubsidie kunnen deze gebouwen worden ingericht als broedplaatsen voor creatieve, ondernemende burgers. De samenleving krijgt de lerende economie dan cadeau.

wild projects
Now Future DDW 2013

 

Toelichting

Volgens het Internationaal Energie Agentschap IEA zijn de energiesubsidies een ‘aanmoediging tot kostbare verspilling’ van fossiele energie. Bron: De Volkskrant 13 november 2013 – www.volkskrant.nl

In het rapport World Energy Outlook (WEO-2013) staat het volgende bedrag over deze subsidie: One such barrier is the pervasive nature of fossil-fuel subsidies, which incentivise wasteful consumption at a cost of $544 billion in 2012. http://www.iea.org/newsroomandevents/pressreleases/2013/november/name,44368,en.html

 

Share

Slimme gemeenten faciliteren initiatieven van onderop

Slimme gemeenten faciliteren

Burgers en kleine bedrijven nemen steeds meer het heft in eigen handen. Ze wachten niet af tot de overheid met nieuwe beleidsinitiatieven komt, maar gaan zelf aan de slag. Dit zie je op grote schaal gebeuren in steden als New York, Kopenhagen, Berlijn en Amsterdam. Deze steden kennen al een lange geschiedenis van initiatieven van onderop. Wat begon met het kraken van leegstaande gebouwen wordt door de crisis beleid om leegstaande gebouwen opnieuw te gebruiken. De grootste broedplaats van Europa, het NDSM-terrein in Amsterdam-Noord werd decennia geleden gekraakt en is uitgegroeid tot een gewilde plek in Amsterdam. Bedrijven als Hema en VNU hebben er hun hoofdkantoren neergezet. In Amsterdam zijn tientallen broedplaatsen waar honderden kunstenaars en creatieve bedrijven relatief goedkope ruimten huren. In Eindhoven kun je in de Dutch Design Week zien waartoe kleine bedrijven in staat zijn. Onder de 200.000 bezoekers veel Chinezen en Japanners die met een videocamera’s de innovaties vastleggen. Een recente ontwikkeling is het creëren van tijdelijke functies op een lege plek of in een leeg gebouw. Gemeentebestuurders faciliteren dit omdat ze inzien dat tijdelijke projecten ook waarde opleveren.

Er zijn ook steden waar deze ontwikkeling van onderop, ook wel DIY (do it yourself) genoemd, nog nauwelijks van de grond komt. Wonen daar te weinig actieve kunstenaars en creatieve ondernemers? Of zijn er geen broedplaatsen en lege gebouwen? Zijn de huren te hoog? Of te weinig hoogopgeleide inwoners met een creatieve en technische opleiding? Een ding is duidelijk: steden met veel broedplaatsen hebben bijna altijd een (technische) universiteit en een kunst- en designacademie binnen de stadsgrenzen. In Amsterdam en Eindhoven wonen bovendien veel creatieven en jonge designers en technici uit andere steden en landen.

Almere, een relatief jonge stad zonder oude, industriële gebouwen, heeft nog weinig broedplaatsen. Dit kan een hindernis zijn voor creatieve burgers en zzp’ers om samen aan de slag te gaan. Almere kampt bovendien met een braindrain omdat jonge Almeerders in andere steden studeren en daar meestal blijven wonen en werken. Misschien zijn deze jongeren te verleiden door ze een plek aan te bieden in een bruisende broedplaats.

In steden als New York, Berlijn,  Amsterdam en Eindhoven ontstaat in de oude stad de nieuwe stad. In verlaten industriële gebouwen ontwikkelen kunstenaars, architecten, creatieve academici en zzp’ers nieuwe producten. Met laser cutters en 3D printers fabriceren ze unieke, eenmalige  producten. In deze steden is een nieuwe industriële revolutie begonnen die de industrie weer terugbrengt naar de stad.

Afschaffen zelfstandigenaftrek is onverstandige besluit

Gemeenten gaan een moeilijke tijd tegemoet. Uit onderzoek van COELO blijkt dat in 2017 een gat gaapt van 6 miljard euro tussen de verwachte inkomsten en uitgaven van gemeenten. Anders dan de rijksoverheid moeten gemeenten een sluitende begroting maken. Dit betekent dat forse ingrepen onvermijdelijk zijn. De financiële problemen dreigen voor gemeenten nog groter te worden. Het kabinet Rutte II wil namelijk de zelfstandigenaftrek beëindigen. Veel creatieven zijn zzp’er. Een gemiddelde ondernemer verdient € 26.460,- en dit is minder dan modaal (bron: EIM). Als het kabinet vasthoudt aan deze bezuiniging dan betekent dit een inkomensverlies van rond de € 2.700,- per jaar. Voor starters is dit zelfs zo’n € 3.500,-. De zelfstandigenaftrek zorgt ervoor dat ondernemers die ca. € 20.000 per jaar verdienen het financieel nog redden. Ondernemers die € 60.000 verdienen, worden bevoordeeld omdat zij gebruik kunnen maken van fiscaal aftrekbare zaken zoals een auto van de zaak, arbeidsongeschiktheidsverzekering en pensioenopbouw. Afschaf van zelfstandigenaftrek voor zzp’ers  die rond de € 20.000,- per jaar verdienen kan de genadeklap betekenen. Volgens onderzoek kan dat 50% van de creatieve bedrijfjes de kop kosten (bron: de Volkskrant). Zij zullen dan een beroep op bijstand moeten doen. terecht te komen. De rekening komt dan op het bord van de lokale overheid. Gemeenten doen er daarom verstandig aan om zzp’ers te faciliteren en ondersteunen.

Nog meer Blokkers?

Er zijn gemeenten die handelen alsof er geen banken-, huizen-, en eurocrisis is. Ze zijn vooral bezig met weer een nieuw winkelcentrum en het binnenhalen van de zoveelste Blokker. Gelukkig zijn er ook steden die kunstenaars, industrieel ontwerpers, creatieve bedrijven en zzp’ers helpen met het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen. Met relatief goedkope huren werken creatieven en kleine bedrijven in voormalige industriële gebouwen. Het creëren van maatschappelijke meerwaarde speelt zich af in het gebied tussen vrije kunst en techniek. Met computergestuurde machines zoals 3D printers ontstaat een nieuwe, stedelijke industrie.

Voor lichtpuntjes in de economie en samenleving moeten we niet op het Binnenhof in Den Haag zijn maar lokaal in Nederland. Steeds meer burgers en kleine bedrijven nemen het heft in eigen handen. Dit zie je vooral in omgevingen waar creatieven en hoogopgeleide mensen elkaar gemakkelijk kunnen ontmoeten. Politici en ambtenaren kunnen de doorslag geven of de initiatieven van onderop succes hebben. Niet door het geven van subsidie maar door leegstaande gebouwen beschikbaar te stellen. Ook woningbouwcorporaties dragen bij aan het succes hiervan. Vaak zie je dat bestuurders eerst initiatieven op een bepaalde plek gedogen en daarna gaan ondersteunen. Het gaat vaak niet zonder slag of stoot. Het komt voor dat een wethouder goedkeuring verleent maar dat de ambtenaren niet willen uitvoeren. Het gebeurt ook andersom. Ambtenaren die het wel zien zitten maar bestuurders vasthouden aan klassiek beleid.

Voorbeelden voor initiatieven van onderop zijn:

  • Burgerinitiatieven zoals energie coöperaties, pop-up activiteiten, buurtactiviteiten, e.d.
  • Oprichten van zorgbedrijven zonder managers
  • zzp’ers die samen werken om nieuwe producten te ontwikkelen
  • Innovatieve en creatieve projectorganisaties zoals Mediamatic, Pakhuis de Zwijger en Dutch Design Week die innovatie bevorderen
  • Het beschikbaar stellen van computergestuurde machines zoals laser cutters en 3D printers waardoor zzp’ers gebruik kunnen maken van geavanceerde machines

Doorslaggevend voor innovatie en economische succes van onderop is de beschikbaarheid over goedkope ateliers, werkplaatsen en kantoren waar verschillende disciplines met elkaar kunnen experimenteren en samenwerken.

Ultimaker
voorbeeld van een 3D printer
Amsterdam Maker Festival

We staan aan het begin van een revolutionaire nieuwe manier van produceren. Met de hulp van nieuwe middelen als 3D-printers, plasmasnijders, techstoffen, open source elektronica en ingenieuze powertools kun je alles maken wat je bedenkt. Of je nu kok bent of techneut, mode-ontwerper of kunstenaar. Makers bepalen hoe de wereld er uit ziet. Makers zijn het levende bewijs dat maken leuk en nuttig is. Makers zijn van alle leeftijden en komen overal vandaan. Overal in de wereld komen nu onafhankelijke en community-driven Maker Festivals of Maker Fairs op. De ‘Maker Movement’ heeft nu ook Nederland bereikt. In Nederland zijn er (of zijn er serieuze plannen voor) Maker Festivals in Groningen, Twente, Limburg en Amsterdam. Het Amsterdam Maker Festival werkt nauw samen met deze andere festival en initiatieven.

De nieuwe ‘maak’plaats iFabrica

In het oude Stork-gebouw in Amsterdam-Noord is iFabrica gevestigd. Dit is een open werkplaats en atelier voor kleine ondernemers, creatievelingen, hobbyisten en studenten met apparatuur en materialen die zij in hun eentje nooit zouden kunnen veroorloven. In de ruimtes van iFabrica staan professionele machines en gereedschappen voor de bewerking van onder andere hout, metaal, kunststof en textiel. Paradepaardjes zijn natuurlijk de 3D-printers en de CNC-gestuurde machines zoals houtfrees- plasma- en lasersnijders. Maar iFabrica heeft ook alle vertrouwde classics in huis; van draaibanken tot naaimachines en handgereedschap. Omdat er een grote diversiteit aan makers in iFabrica aan het werk is, inspireren en helpen zij elkaar en kan iFabrica uitgroeien tot een community van makers. In de werkplaats (zie foto) wordt gewerkt aan de renovatie van een ‘antieke’ inpakmachine voor chocolade repen.

 

wild projects

De nieuwe maakindustrie In de voormalige Stork fabriek

 

 

 

In de broed- en maakplaatsen begint de nieuwe industriële revolutie

In Amsterdam, Eindhoven, Rotterdam en Utrecht zijn vele tientallen broedplaatsen boordevol kunstenaars en zzp’ers die maatschappelijke waarde creëren. In de steden met veel broedplaatsen ontstaan nieuwe thematische broedplaatsen. Zoals het oude Shell lab in Amsterdam-Noord dat zich gaat richten op multimedia en gaming bedrijven. In New York en Eindhoven zijn leegstaande gebouwen ingericht als ‘maak’plaatsen met 3-D printers. De 3D printers in de Eindhovense maakfabriek worden gebruikt voor het printen van complexe producten voor ASML en Philips. Deze grote bedrijven profiteren van de innovatieve houding van kunstenaar en designers die de 3D printers in de afgelopen jaren hebben ontwikkeld. Een Nederlands bedrijf is een van de marktleiders in de wereld voor de verkoop van betaalbare 3D printers.

In Amsterdam heeft iFabrica onlangs een oude Stork-fabriek ingericht met computergestuurde machines voor mensen die iets willen maken. Een ander opvallend aspect is dat nieuwe broedplaatsen kunstenaars en bedrijven selecteren op hun houding om samen te werken. Als je alleen je eigen ding wil doen is er geen plaats voor je in het gebouw. Dit beleid is een gevolg van de ervaring dat nieuwe bedrijven vooral combinaties zijn van creativiteit en het verbinden van verschillende disciplines. Zo experimenteren microbiologen en architecten met nieuwe, duurzame materialen in de Van Genthallen van Mediamatic. En wat te denken van een Amsterdams architectenbureau dat een compleet huis met een 3D-printer bouwt. Deze initiatieven zijn mogelijk omdat gemeenten en andere partijen zorgen dat creatieve, ondernemende mensen aan de slag kunnen in gebouwen met relatief lage huren. Slimme gemeenten faciliteren initiatieven van onderop al is het alleen maar om een nieuwe financiële tegenvaller te voorkomen.

Share

De bottom-up stad

De bottom-up stad is in volle ontwikkeling

Op 12 juli las ik in een email van Pakhuis de Zwijger over ‘Mensen maken de stad’ het volgende: ‘De nieuwe stad wordt niet gepland vanuit directiekamers van projectontwikkelaars en beleidsmakers, maar gemaakt door al die kleine en grote initiatieven waar bewoners iedere dag weer samen aan bouwen. Want juist die initiatieven geven de stad en haar bewoners hun energie, hun unieke karakter en hun gevoel bij elkaar te horen.’

In de email staan de volgende inspirerende onderwerpen: ‘Veel initiatieven gingen over eerlijk eten. Het devies: meer bewustwording, terug naar eigen regio en duurzamer geproduceerd. Van een gastronomische do-it-yourself-supermarkt waar bewoners zelf hun producten mogen komen bewerken tot de Tostifabriek waarin midden in de stad – van de varkensslacht tot het smeren – het hele proces van tosti’s maken wordt gedemonstreerd. En recent nog:  DAMn Food Waste , die met vijfduizend gratis maaltijden op het Museumplein aandacht vroeg voor de grote hoeveelheden voedsel die wij ieder jaar weer in de kliko gooien.

Mensen maken de stad ook met stenen: zelfbouw is een serieuze concurrent aan het worden van corporaties en projectontwikkelaars. Ga maar eens kijken in de Houthavens , op IJburg of op het  Zeeburgereiland (of in Almere-Poort). Een veelbelovende oplossing voor de gestagneerde woningbouwsector.

wild projects
winnaar mooiste zelfbouwhuis Almere Poort

Initiatiefrijke bewoners maakten ook slim gebruik van de grote leegstand in de stad. Zo kwam Studio BG in Bos en Lommer beschikbaar voor kleine bedrijfjes, stichtingen en andere initiatieven; opende een nieuwe broedplaats voor media-technologie haar deuren in het oude Shell laboratorium in Amsterdam-Noord en mochten creatievelingen een deel van de Heesterveld in Zuidoost naar eigen inzicht vormgeven en bewonen. En dan hebben we het nog niet eens gehad over al die festivals in de stad voor en door bewoners: van Rollende Keukens tot Magneetfestival, of al die huiskamerrestaurants, wijk-ondernemingen en initiatieven die de stad of buurt schoner, duurzamer en leefbaarder willen maken.’ Bron: www.dezwijger.nl

Kortom: de bottom-up stad leeft. Dit proces zie je ook in andere grote steden zoals in Rotterdam, Eindhoven en Utrecht. Overheden en bedrijven kunnen van dit proces leren. Want deze initiatieven kunnen de voorbode zijn van een nieuwe manier van organiseren en produceren op basis van nieuwe waarden. Dat innovatie van onderop komt is, komt wel vaker voor in perioden van crisis. Maar dit keer kan dit wel eens een structureel karakter krijgen. Want steeds meer hoogopgeleide mensen willen het heft in eigen handen nemen omdat overheden en bedrijven niet leveren wat zij vinden dat nodig is. Daarnaast zijn nieuwe technologieën, zoals 3D-printing, steeds vaker kleinschalig toe te passen. Verder zien we senioren niet meer achter de geraniums zitten, maar een actieve rol spelen in de samenleving.

Share